Noordelijke tapijthaai - Orectolobus wardi

De noordelijke tapijthaai Orectolobus wardi is klein, langgerekt en afgeplat en wordt ongeveer 63 cm. WoRMS vermeldt hem als geaccepteerde levende soort; brede kop, bovenwaartse ogen en twee rugvinnen zonder stekels ver achteraan passen bij bodemleven.

Het bruine of grijze lichaam draagt ver uit elkaar liggende donkere afgeronde zadels met lichte randen. Sommige vormen oogvlekken op kop en romp; kleine donkere stippen breken de omtrek op zand, puin en rif.

Een kleine tapijthaai met oogvlekken

De koplobben zijn eenvoudiger en minder vertakt dan bij de franjetapijthaai. Neusdraden, brede borstvinnen en een voorwaartse bek behouden de typische bouw die Shark-References documenteert.

Herkenning combineert kleine volwassen maat, zadelpatroon, oogvlekken en Noord-Australische vindplaats. Kleine dieren lijken op jongen van andere soorten als slechts één foto beschikbaar is.

De soort geldt als endemisch voor Australië. Het bekende gebied loopt door het tropische noorden, ongeveer van Onslow in West-Australië via Northern Territory tot Fraser Island in Queensland; meldingen daarbuiten zijn niet bevestigd.

Noordelijke tapijthaai Orectolobus wardi verspreidingskaart
Chris_huh, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons; converted to WebP

Fishes of Australia beschrijft een rifgebonden soort uit kust- en platwateren met vondsten tot circa 40 meter. Andere samenvattingen benadrukken zeer ondiepe waarnemingen van één tot drie meter, wat beperkte gegevens weerspiegelt.

Tropisch ondiep water van Noord-Australië

Waarschijnlijke habitats zijn beschutte baaien, ondiepe zand- en koraalzones, rifranden, kleine grotten en structuurrijke bodem waar de haai verborgen rust en rond schemering actief wordt.

De verschillende dieptes mogen geen kunstmatige exacte grens worden. Veel vondsten zijn zeer ondiep, maar betrouwbare waarnemingen gaan dieper en camouflage zorgt dat dieren worden gemist.

De biologie van Orectolobus wardi is veel minder beschreven dan die van grotere Australische wobbegongs. Waarschijnlijk rust hij overdag gecamoufleerd en wordt hij rond schemering of ‘s nachts actiever, maar soortspecifiek onderzoek is schaars.

FishBase noemt bodemvissen en ongewervelden als vermoedelijk voedsel en zegt expliciet dat het dieet niet direct is vastgelegd. Specifieke prooien noemen zou verder gaan dan het bewijs.

Veel is nog niet gedocumenteerd

De voortplanting is waarschijnlijk aplacentair levendbarend: embryo’s groeien in de moeder, gebruiken dooier en worden levend geboren. Betrouwbare gegevens over worpgrootte, draagtijd, geboortemaat en rijpheid ontbreken.

Die hiaten zijn belangrijk. Waarnemingen met datum, diepte, maat en habitat helpen, maar moeten gescheiden blijven van bevestigde gegevens en mogen geen vaste waarden worden.

De huidige IUCN Red List-beoordeling plaatst Orectolobus wardi na herziening in 2024 in niet bedreigd. De gunstige categorie neemt regionale monitoring niet weg.

De sterke kustbinding stelt de haai bloot aan netten, vallen, haken en bijvangst. Kustontwikkeling, vervuiling, rifschade en verlies van structuurrijke ondiepten kunnen lokaal gevolgen hebben.

Niet bedreigd, maar sterk kustgebonden

Het Australian Shark Report Card beoordeelt de Australische populatie als duurzaam. Het hele bekende gebied ligt in een land met relatief sterk visserijbeheer en veel beschermde zeegebieden.

Nauwkeurige identificatie, betere registraties en bescherming van ondiepe habitats blijven nuttig. Een beperkt endemisch gebied maakt lokale druk relevant.

De noordelijke tapijthaai is klein en geen typisch gevaar. Net als andere wobbegongs heeft hij sterke tanden en kan hij bijten als hij wordt aangeraakt, vastgehouden of ingesloten; stil liggen is geen toestemming tot aanraken.

Duikers en zwemmers benaderen langzaam, houden afstand en laten een uitweg. Stap niet op de haai, reik niet in spleten, blokkeer geen grot en jaag hem niet voor een foto weg.

Kijken zonder aanraken

Door maat en zeer ondiep habitat zijn ontmoetingen mogelijk bij snorkelen of waden. Camouflage verhoogt toevallig contact; goed naar de bodem kijken is nuttiger dan angst.

Waarnemingen op iNaturalist kunnen het verspreidingsbeeld aanvullen. Datum, diepte, habitat en meerdere foto’s zijn nuttig zolang het dier niet wordt verstoord.

Profiel

  • Eerste beschrijving:Whitley, 1939
  • Max. grootte:0,63m
  • Diepte:0 - 3m
  • Max. leeftijd: Jahre
  • Max. gewicht:kg
  • Watertype:Zout water
  • IUCN-status:Niet bedreigd

Systematiek

Nieuwsbrief

Haai-alarm in je mailbox

Haai-alarm in je mailbox

Echt nieuws in plaats van mythes!
- Elke 14 dagen nieuw -