Aan de droge noordrand van Colombia begint haaienbescherming niet in een laboratorium, maar op het strand. In Punta Gallinas meten inheemse Wayuu-vissers aangevoerde haaien, bepalen zij de soort en bewaren zij kleine weefselmonsters voor onderzoek. Volgens Mongabay werkt de gemeenschap samen met mariene biologen van het initiatief Proyecto Puyuii.
Het project bevindt zich in een moeilijk spanningsveld. Colombia verbood in 2021 de gerichte visserij op haaien en roggen. Sinds de regels in 2024 zijn herzien, mag onbedoelde bijvangst van 15 soorten onder bepaalde voorwaarden worden gebruikt. Voor afgelegen Wayuu-gemeenschappen is haaienvlees zowel traditioneel voedsel als een belangrijke eiwitbron in een regio waar ondervoeding voorkomt.
Van gerichte haaienvangst naar onderzoek
Wilfrido Arends, in Punta Gallinas bekend als ‘Caracas’, begon als kind met vissen. Net als andere vissers gebruikte hij vroeger beuglijnen die specifiek op haaien waren gericht. Vlees en vinnen werden soms geruild voor geld, brandstof of vistuig. Volgens Arends nam de lokale handel al vóór het landelijke verbod af en verdween die in 2021 grotendeels uit Punta Gallinas.
Tegenwoordig coördineert Arends een deel van de gegevensverzameling voor Proyecto Puyuii. Elke aangevoerde haai wordt gemeten, gedateerd en waar mogelijk tot op soort bepaald; vinmonsters worden bewaard voor later genetisch onderzoek. De samenwerking moet voor het eerst een betrouwbaarder beeld geven van de soorten in La Guajira en hoe vaak zij in de kustvangst voorkomen.
Grotere mazen en levende haaien terug naar zee
Veel vissers in Punta Gallinas hebben hun methoden aangepast. Zij gebruiken geen beuglijnen meer die specifiek op haaien zijn gericht, kiezen voor grotere netmazen en plaatsen de netten dichter bij de kust om minder jonge dieren te vangen. Levend gevangen haaien moeten zo voorzichtig mogelijk worden vrijgelaten. Volgens leden van de gemeenschap vissen ongeveer 17 van de naar schatting 20 boten niet langer gericht op haaien.
Deze maatregelen zijn biologisch belangrijk omdat veel haaiensoorten langzaam groeien, laat geslachtsrijp worden en weinig jongen krijgen. Als een dier vóór de eerste voortplanting wordt gevangen, verliest de populatie niet alleen één individu, maar ook al zijn toekomstige nakomelingen. Grotere mazen en zorgvuldige vrijlating kunnen deze druk verminderen, maar vervangen geen populatiegegevens.
Drieënveertig tijgerhaaien overleefden de vangst van hun moeder
Een voorval in mei 2026 liet zien hoe aangeleerde vrijlatingstechnieken kunnen helpen. Vissers uit de naburige gemeenschap Bahía Hondita vingen een groot, drachtig vrouwtje van de tijgerhaai (Galeocerdo cuvier). Nadat de moeder was gedood, vonden zij levende jongen. Juan Manuel Uriana, hoofd van de plaatselijke vissersvereniging, en andere helpers zetten 43 jongen terug in zee.
De redding is een positief teken, maar maakt het verlies van het volwassen vrouwtje niet ongedaan. Grote dieren die zich kunnen voortplanten zijn bijzonder waardevol voor de stabiliteit van een populatie. De gebeurtenis toont daarom zowel een groeiende bereidheid tot bescherming als een blijvende afhankelijkheid van de visserij.
Soortenrijkdom bekend, populaties nauwelijks begrepen
Op basis van historische en recente gegevens zijn in het Colombiaanse Caribisch gebied ongeveer 90 haaien- en roggensoorten geregistreerd. Deskundigen beschouwen ook deze inventaris als onvolledig. Rond Punta Gallinas melden vissers onder meer de zijdehaai (Carcharhinus falciformis), tijgerhaai, zwartneushaai (Carcharhinus acronotus) en de ernstig bedreigde kleinooghamerhaai (Sphyrna tudes).
Een soortenlijst alleen laat niet zien hoe groot de afzonderlijke populaties zijn of hoeveel visserijdruk zij aankunnen. Daarvoor zijn herhaalde gegevens nodig over soort, grootte, geslacht, vangstlocatie en vangstmethode. De gestandaardiseerde registraties van Wayuu-vissers moeten juist deze leemte vullen. Zij kunnen later de basis vormen voor gebiedsgerichte bescherming of soortspecifieke regels.
Bescherming mag niet tegenover voedselzekerheid staan
In Punta Gallinas wordt haaienvlees traditioneel bereid als Salpicón. Ook olie en lever worden gebruikt. Wat gezinnen niet zelf eten, verkopen zij soms aan lokale accommodaties en restaurants. Volgens de vissersvereniging zijn veel van de ongeveer 120 vissers in Bahía Hondita nog steeds afhankelijk van haken en beuglijnen voor haaien en roggen.
De economische onzekerheid verscherpt het conflict. Nadat de regen in 2025 uitbleef, verloren gezinnen een groot deel van hun geitenkuddes, een andere belangrijke bron van voedsel en inkomen. Een algemeen vangstverbod zonder bereikbare alternatieven legt de kosten van bescherming bij mensen die al weinig mogelijkheden hebben.
Toerisme als alternatief, maar niet als snelle oplossing
Proyecto Puyuii zet daarom ook in op gemeenschapstoerisme. Bezoekers worden aangemoedigd om in Wayuu-accommodaties te verblijven en lokale boten en gidsen te gebruiken, zodat de inkomsten in de regio blijven. Sommige voormalige haaienvissers verdienen al meer door reizigers mee te nemen, in minder tijd dan zij op zee visten. Anderen vragen om rechtstreekse compensatie voordat zij met de haaienvangst kunnen stoppen.
De overgang aan de kust van La Guajira, aan de Caribische Zee, is dan ook niet voltooid en niet vrij van tegenstrijdigheden. Zij slaagt waar lokale kennis, onderzoek en een reëel inkomen samenkomen. De Wayuu van Punta Gallinas laten zien hoe voormalige haaienvissers gegevensverzamelaars en beschermers kunnen worden, zonder te verhullen dat natuurbehoud ook een sociale opgave is in een regio met honger en watertekort.



