Eind september 2026 zijn drie jonge ruwe haaien gevangen op ongeveer 23 kilometer voor de Belgische kust. Volgens het Flanders Marine Institute (VLIZ) vond de vangst plaats aan boord van het onderzoeksschip Simon Stevin. Twee dieren kregen een zender ingeplant, waarmee onderzoekers hun trekbewegingen en habitatgebruik willen bestuderen.
De twee vrouwtjes en het mannetje waren 55 tot 60 centimeter lang. Het gaat om ruwe haaien (Galeorhinus galeus).
Een zeldzame vangst met open vragen
Volgens VLIZ hebben de boomkorsurveys van het instituut ILVO sinds 1985 geen ruwe haai opgeleverd. Daaruit kan echter niet worden afgeleid dat de soort volledig afwezig was in Belgische wateren.
Ook de betekenis van de huidige vangst blijft onzeker: drie jonge dieren alleen tonen geen kraamkamer of groeiende populatie aan.
ELASMON combineert zenders en onderwatercamera’s
De vangst maakt deel uit van het ELASMON-project, dat ILVO samen met VLIZ en het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen uitvoert. Het project loopt van september 2024 tot augustus 2027 en moet kennislacunes over de verspreiding en het habitatgebruik van haaien en roggen in de Belgische Noordzee opvullen.
Daarvoor worden bestaande gegevens samengebracht, akoestische telemetrie ingezet en methoden met onderwatercamera’s met aas ontwikkeld. Die combinatie moet laten zien waar dieren verblijven en welke gebieden belangrijk zijn voor hun bescherming. De zenders van de ruwe haaien kunnen nieuwe waarnemingen opleveren; de melding bevat nog geen resultaten over hun routes.
Ons artikel over ruwe haaien bij Borkum laat eveneens zien waarom het belangrijk is verschillende Noordzeegebieden te onderzoeken. De Belgische vangst is een afzonderlijke waarneming en kan niet automatisch aan dezelfde kraamkamer worden toegeschreven.

